WhatsApp: 06-17124348 Info@irisjager.nl

Waar de ‘gemiddelde’ Nederlandse vrouw ca. 1 meter 69 is, ben ik 1 meter 57. 
Ach, no big deal zou je zeggen, een verschil van 12 cm.
Maar… de achtstegroepers op de basisschool van mijn kinderen zijn langer dan ik terwijl ik ruim 2 decennia ouder ben! 
Daar komt bij dat ik niet alleen klein van stuk ben, ook mijn gehele lichaamsbouw is nogal tenger en ik ben (over het algemeen) een echte introvert!

Vroeger op de basisschool was ik altijd de kleinste van de klas. Op zich was dat best acceptabel want ik was een meisje en die mogen best wat klein(er) zijn… Dat is ‘lief’ en ‘schattig’ enzo. 
Toch voelde ik vaak dat ik moest ‘opboksen’ tegen mijn langere leeftijdsgenootjes en deed ik mijn best om mijn tekortkoming (want zo voelde het wel een beetje) te compenseren door ergens anders groot in te zijn. 
Bijvoorbeeld door snel te zijn. Snel in de zin van hard kunnen rennen en dus mezelf verzekeren van een plekje in het gymteam en snel kunnen denken/werken zodat de juf me niet over het hoofd kon zien.

Na de basisschool bleef ik de kleinste…op de middelbare school en ook in vriendengroepjes. 
Ongeveer vanaf mijn 12e begon ik te merken dat mijn compensaties niet meer voldoende waren en tegen de tijd dat ik in 2002 mijn studie afrondde en ging werken had ik mezelf nieuwe manieren aangeleerd om te dealen met het gevoel niet (lang/goed) genoeg te zijn. Bijvoorbeeld door verbaal sterk te zijn en mezelf te ‘bewapenen’ met kennis en informatie.

Nu was het klein-zijn op zich als vrouw natuurlijk gemakkelijk te maskeren want: ik droeg gewoon schoenen met hakken…altijd!
Als ik geen hakken droeg voelde ik me te klein, onzeker en had ik zelfs het idee dat ik niet serieus genomen kón worden!
Zo werden mijn schoenen letterlijk en figuurlijk een verlengstuk van mezelf!

In tegenstelling tot mijn lichaam, groeiden de overtuigingen en de gevoelens van tekort komen wél door waardoor ik dacht dat het nodig was om me constant te moeten bewijzen. Ter compensatie ging ik me aanpassen en conformeren naar de mogelijke verwachtingen van anderen en te vaak ging dat ten koste van mezelf; van mijn grenzen, wensen en behoeften.

Ik had de stellige overtuiging dat mijn lichaamslengte iets zei over wie ik van binnen was… 
En allemachtig, wat kost dat een energie!
Dat wist ik toen niet hoor, daar kwam ik heel geleidelijk achter toen ik mijn overtuigingen nader ging onderzoeken. Waarom zou ik me moeten bewijzen? Wàt heb ik dan precies te bewijzen? Wanneer ben ik dan wel goed genoeg? Etc.

Vandaag de dag ben ik in gezelschap nog steeds meestal de kleinste en nog steeds draag ik hakken. Ook nu voel ik van tijd tot tijd de overtuigingen onder de oppervlakte sluimeren, maar nu draag ik ze omdat ik het kies, niet meer uit reactie.

Ik ben benieuwd, hoe zit dit bij jou? Maak jij jezelf ook weleens groter of kleiner? Welke manieren heb jij jezelf aangeleerd om jezelf staande te kunnen houden? En werken die manieren ook echt (nog genoeg) voor jou?